Praten over verlies

Weer bereikbaar van 16:00 tot 22:00

Chat is offline

Gertie Mooren () Vraagt jongeren hun verhaal te delen

‘Ik zet mijn masker af…’

You hate when people see you cry

Becauseyou want to beso strong

At thesame time youhate

How nobody notices how torn apart and broken you are…

 

Tijdens mijn werk als rouwtherapeut merkte ik dat de doelgroep jongeren op een eigen manier omgaat met rouw. Jongeren willen aan de ene kant aandacht voor hun problemen, aan de andere kant willen zij niet anders zijn dan hun leeftijdgenoten. Toch voelen jongeren van wie een belangrijk iemand is overleden, zich anders dan jongeren die dit (nog) niet hebben meegemaakt. Deze tegenstrijdige gevoelens kunnen ervoor zorgen dat zij hiervan erg in de war raken.

In veel gevallen vinden jongeren in rouw het moeilijk om hun problemen thuis te bespreken. Er is per slot al verdriet genoeg. De drempel om verder in de omgeving hulp te vragen, is erg hoog. Vaak weten jongeren niet bij wie zij wél terecht kunnen. De omgeving ziet aan de buitenkant van jongeren niet dat er van binnen veel verdriet, boosheid en / of angst zit. Na een tijdje verslapt de aandacht en zijn er steeds minder mensen die nog eens vragen hoe het met de jongere gaat. Met het gevolg dat jongeren zich vaak eenzaam voelen met hun verwarde gevoelens.

Lees ook het verhaal van Puck “Hoe overleef ik zonder papa”

Voor mij een reden om jongeren te vragen om hun verhaal op te schrijven. Een verhaal waarin zijzelf de hoofdrol spelen. Met als hoofdvraag: ‘Hoe heb jij het overlijden van iemand die je lief is, overleefd?’

Door de verhalen te bundelen en uit te brengen, heb ik jongeren een stem willen geven. Zij zijn per slot van rekening zelf ervaringsdeskundig en zij kunnen het beste zelf aangeven wat zijnodig hadden na het overlijden van iemand die hem / haar lief was.

Het uitbrengen van deze verhalen had in eerste instantie als doel dat andere jongeren mogelijk (h)erkenning vinden in de verhalen, en ook dat ze daardoor aangespoord worden om zich ook te uiten. Al gauw merkte ik dat jongeren nog een ander doel voor ogen hadden. Zij wilden middels hun verhaal ook de omgeving laten inzien waar jongeren na een overlijden van een belangrijk persoon behoefte aan hebben. En laat dat nu ook net een vraag zijn van ouders, leerkrachten en andere betrokkenen…

Praten helpt… Maar met wie?

Jongeren die wel over het verdriet kunnen praten met ouder(s), vrienden of andere betrokkenen, blijken de draad van het leven gemakkelijker op te pakken. Maar niet alle jongeren vinden bij iemand de ingang om in gesprek te gaan. En doordat je aan de buitenkant niet altijd ziet hoe iemand zich aan de binnenkant voelt, is het voor de omgeving niet gemakkelijk om te signaleren waar jongeren behoefte aan hebben.

Door het uitbrengen van deze verhalen komen behoeftes van beide doelgroepen bij elkaar.

Hoewel iedereen op een eigen manier rouwt, vallen aantal thema’s op die in (bijna) alle verhalen voorkomen.De verhalen gaan over: doorgaan alsof er niets is gebeurd; over gevoelens van angst, boosheid, spijt, schuld, jaloezie, opgestapeld verdriet, maar zeker niet zielig willen zijn. Over reacties van vrienden en familie, omgang met docenten en klasgenoten, veranderd gedrag en plotselinge confrontaties. Over het belang van het masker, maar ondertussen toch de behoefte hebben om met iemand te praten. Over veranderde gevoelens in de puberteit en het gemis aan herinneringen. Over bescherming binnen het gezin, groeiende verantwoordelijkheid voor gezinsleden, en moeite met acceptatie van een nieuwe partner. Maar ook over vooruit kijken naar de toekomst en over dankbaarheid en trots voor wat er is en wat er was.

Jongerengroep ‘Mijn masker af’

Het schrijven van hun eigen verhaal en het te delen met de andere schrijvers zorgden voor een enorme kracht bij deze jongeren. Een kracht die zij hebben aangewend om het boek met de verhalen, gedichten, tekeningen en foto’s zélf naar buiten te willen brengen.

En vervolgens ook om samen met mij mee te gaan met presentaties waarin zij zélf vertellen over hun ervaringen bij thema’s die bij jongeren met een verlies spelen. Telkens weer blijkt het delen van hun eigen ervaringen een enorme meerwaarde.Het zorgt bij andere jongeren voor (h)erkenning, en de omgeving van jongeren krijgt inzichten.

Jongeren geven ook gastlessen op middelbare scholen, MBO’s, HBO’s etc. over omgaan met verlies. En dan niet alleen over verlies na een overlijden, maar ook verlies door echtscheiding, ziekte, verhuizing, pesten, depressie en alle andere verliezen.Zij doen niet aan leedconcurrentie, ieder weegt het eigen verlies het zwaarst. En daarom zijn de gastlessen voor iedereen van belang. Het uitgangspunt ‘dóór en vóór jongeren’ is bij tal van presentaties en gastlessen meer dan succesvol gebleken. Zowel voor ieder individueel als voor de dynamiek binnen systemen.

Wij hebben een missie

Door het delen van onze verhalen, willen wij alle jongeren van wie een lief iemand is overleden,laten ervaren dat zij niet de enige zijn die moeten dealen met een veranderd leven na het overlijden van iemand die hen lief was. Wij willen hen helpen hoe zij zich kunnen uiten naar mensen in hun omgeving. En ook willen wij dat de omgeving van jongeren in rouw meer inzicht heeft in wat de behoeftes van jongeren zijn. Wanneer het pas is gebeurd, maar ook na langere tijd.

Rouwen moet je zelf doen, maar hopelijk niet alleen…

Meer weten? Kijk op www.mijnmaskeraf.com en/ of op Facebookpagina ‘Ik zet mijn masker af’

Wie is Gertie Mooren?

Gertie Mooren is rouwtherapeut, werkt met kinderen en jongeren met verlies en hun gezinnen; is samensteller van het boek ‘Ik zet mijn masker af’, waarin 20 jongeren (14-25 jaar) hun verhaal vertellen over hoe zij een groot verlies overleefden; is initiatiefneemster van jongerengroep ‘Mijn masker af’ en ‘vangnet’ voor deze jongeren bij al hun activiteiten.

Zij geeft presentaties en trainingen voor scholen en organisaties diemeer willen leren over omgaan met verlies, in welke vorm dan ook. Zie ook: www.gertiemooren.nl